VLAAMS KARTEL?

Het leek er na de verkiezingen van 8 oktober even op of de politiek in een winterslaap zou sukkelen, maar Dedecker gooide roet in het eten. De affaire raasde de voorbije weken als een bulldozer door de politieke porseleinwinkel en liet nogal wat scherven achter. De geloofwaardigheid van de N-VA, maar ook van haar kartelpartner CD&V, ligt aan diggelen. Wat bij de publieke opinie blijft hangen is de wrange nasmaak van wansmakelijke akkoorden in achterkamertjes, het beeld van schaamteloos marchanderen en van gesjacher met postjes, geld en mandaten.

Tsjevenstreken

Een aantal Wetstraatjournalisten bombardeerde de CD&V van Yves Leterme tot grote overwinnaar na de laatste episode in de soap rond Dedecker en het kartel met N-VA. Dat lijkt op het eerste gezicht zo. “Na het herstel van het kartel zijn Leterme en Vandeurzen er nu al zeker van volgend jaar de grootste partij te worden bij de verkiezingen voor Kamer en Senaat. Dat laat CD&V toe om aan het stuur te zitten van de regeringsonderhandelingen en Yves Leterme richting (Wetstraat) 16 te loodsen”… (Eric Donckier in Het Belang van Limburg, 11.12.06).

Pure winst, lijkt het wel. Maar, zo schrijft Peter De Backer in Het Nieuwsblad (11.12.06): “Ook CD&V komt hier niet beter uit. Yves Leterme mag in mei of juni opnieuw op wat procentjes meer rekenen. Maar eerst dat kartel ferm opblazen om het vervolgens met allerlei mandatenbeloftes terug te lijmen, dat was geen fraai schouwspel.” De journalist houdt het beleefd.

Herinnert u zich de stoere verklaringen van Leterme en Vandeurzen nog, over het partijprogramma en de principes? We hebben dat in een eerdere reactie al boerenbedrog en volksverlakkerij genoemd. En wat schrijft Eric Van Rompuy op zijn website, na het herstel van het kartel? “Deze week werd bewezen dat principes belangrijker zijn dan tactiek. Een les voor velen.” Laten we die uitspraak maar kronen tot mop van de week!

“De vrees om nog eens vier jaar door de woestijn te moeten na acht jaar oppositiebanken in het federale parlement, was zeer groot bij CD&V”, merkt Isabel Albers op in De Standaard.
En dus werd er meteen na het stoere opblazen van het kartel achter de schermen hard gewerkt aan het lijmen van de brokken. Politiek rekenwerk en stratego met de peilingen in de hand. Met programma’s en principes had dat allemaal niet veel te maken. De CD&V heeft zich andermaal getoond als een brutale machtspartij, voor wie álle middelen goed zijn om opnieuw de macht te grijpen. “Het hele gedoe doorprikt het beeld van een “nieuwe CVP” die niet meer bezig was met de ‘politique politicienne’ ”, schrijft Isabel Albers. Leterme’s imago van rechtlijnigheid en geloofwaardigheid heeft enkele venijnige krassen opgelopen.
Maar het ergst van al is wellicht dat de N-VA gezwicht is voor de verleidelijke bruidsschat van geld en mandaten…

Arme N-VA, arm Vlaanderen…

Is de keuze van de N-VA het resultaat van politieke overlevingsdrang of net een uiting van masochisme? De drang tot zelfvernietiging of een poging tot politieke zelfmoord? De toekomst zal het uitwijzen, maar hun keuze doet her en der de wenkbrauwen fronsen. Alle peilingen wezen er immers op dat de partij, op eigen benen én met de aanwinst van Jean-Marie Dedecker, vlot over de kiesdrempel zou geraken. En dan zwijgen we nog over de hypothese van een Vlaams-nationaal eenheidskartel. En toch werd uiteindelijk gekozen voor een kartel met CD&V. Vorige week nog fulmineerde Bart De Wever tegen die partij omdat die blijkbaar nog altijd onder de plak zit van haar linkse en Belgicistische vakbondsvleugel ACW, maar dat is plots geen bezwaar meer.
“De N-VA heeft gekozen voor lijfsbehoud, niet voor de idealen van een complexloze flamingantische rechttoe-rechtaanpartij. Ze moet zich daarvoor wel in het stof wentelen voor CD&V, een knieval zoals er in de Wetstraat zelden een is vertoond”, aldus Peter De Backer (Het Nieuwsblad).

“De N-VA heeft zichzelf gedegradeerd tot een bijhuis en een plaatsingsbureau”, klinkt het vlijmscherp uit de pen van Eric Donckier. “Een plaatsingsbureau voor N-VA’ers die een zitje in het parlement ambiëren maar vrezen dat niet te kunnen halen op eigen kracht. Zij zijn schatplichtig aan de CD&V en zullen zich als dusdanig moeten gedragen.”

De N-VA-voorzitter probeerde de keuze te rechtvaardigen met de verklaring dat zijn partij wil wegen op de politiek. Alsof je dat alleen maar kan in de regering. Was die machtshonger niet het begin van het einde voor de in de oppositie erg succesvolle Volksunie? De N-VA-top wou naar eigen zeggen “in 2007 absoluut aan de communautaire onderhandelingstafel zitten.” Om wat te doen? Denken ze nu echt dat Leterme zijn kansen op het premierschap zou laten schieten door in de onderhandelingen met Di Rupo onbuigzaam vast te houden aan rechtmatige Vlaamse eisen?

De N-VA doet aan zelfbedrog, voorspelt Donckier: “Het was het ACW dat zich verzette tegen de komst van Jean-Marie Dedecker en gelijk kreeg. Het is het ACW dat zich verzet tegen een verregaande staatshervorming en het zal het ACW zijn dat ook in deze gelijk zal krijgen.”
Arm Vlaanderen…

Hoe zwaar wegen de toezeggingen van CD&V om niet in een federale regering te stappen zonder een verregaande staatshervorming? De partij van Leterme zou ook niet in een Vlaamse regering stappen voor de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde een feit was, weet u nog? “Onverwijld”, zo stond het in het regeerakkoord. Een vodje papier, zo bleek als snel. CD&V en principes, het is altijd een moeilijk huwelijk geweest…

Historische kans

We hebben ons de voorbije weken vaak en bewust op de vlakte gehouden. Ook en vooral omdat wij ons niet van vijand vergissen of willen vergissen. Voor ons is de vijand niét de N-VA, maar de Belgische staat en het Belgische establishment. Daarom hebben wij in het verleden ook meermaals de hand uitgestoken naar de N-VA. Een uitgestoken hand die jammer genoeg altijd werd geweigerd.

Het lijkt erop dat de N-VA-top na de breuk in het onnatuurlijke verstandshuwelijk met CD&V een historische kans heeft gemist. Door het cordon sanitaire rond het Vlaams Belang op te blazen en een weloverwogen en doordacht samenwerkingsverband op poten te zetten tussen twee Vlaams-nationale partijen had men van de rechtse en Vlaams-nationale krachten wellicht de grootste politieke en onomkeerbare factor in het land kunnen maken. Die ‘Forza Flandria’ – zoals Bruno Valkeniers het noemt – zou een grote stap zijn op weg naar onze eigen, Vlaamse staat. Het is bijzonder jammer dat de N-VA-leiding die kans niet heeft gezien of niet heeft gegrepen.

Als Vlaams Belang werken wij inmiddels rustig maar koppig en vastberaden verder aan de echte Vlaamse staatsvorming. Wij zitten niet in een ivoren toren, en wij wentelen ons heus niet in het cordon sanitaire, wel integendeel. Wij zijn en blijven gespreksbereid met iedereen die het met Vlaanderen goed voorheeft, en zeker met iedereen die met ons een grote Vlaams-nationale politieke macht wil uitbouwen. Wie samen met ons vindt dat er de voorbije dagen een misschien wel historische kans gemist is, moet zich nu maar eens goed bezinnen. De collaboratie met Belgische staatsbehoudende partijen loopt voor Vlaams-nationalisten altijd slecht af. En er is wel degelijk een andere weg: die van de Vlaams-nationale éénheid in een grote politieke formatie die niet te koop is en die de macht van de Parti Socialiste breken kan.

Frank Vanhecke
1

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...