Partijfinanciering: dag 3

De derde zittingsdag van de Raad van State over de partijfinanciering was snel voorbij. Het voorwerp van de zitting was de eis van het Vlaams Belang om 14 van de 22 zetelende staatsraden te wraken. Wij meenden daar meer dan gegronde redenen voor te hebben. Zo waren enkelen onder hen voorheen kabinetsmedewerker of zelfs bediende van één van de politieke partijen die deze klacht hebben ingediend. Alles werd door onze advocaten gedetailleerd gestaafd. Anderen zijn leden van een vereniging van PS-signatuur en waarvan de advocate van de tegenpartij de voorzitter is. Nog een andere had een boek geschreven “contre le xénophobie et le racisme”, met voorwoord van senator Philippe Moureaux (PS).

Het mocht allemaal niet baten. Als antwoord op de individuele wrakingen hadden de gewraakte Staatsraden collectief (!) en kort geantwoord dat daaruit geen schijn van partijdigheid mocht afgeleid worden. Voor het overige weigerden zij op de feiten zelf in te gaan. Onze advocaten mochten voor de vorm een uurtje pleiten. De advocaten van de tegenpartij deden daarna zelfs niet meer de moeite om de schijn van een debat op te houden en lazen slechts drie regeltjes voor. Daarna kwam de auditeur even kort tussen om het standpunt van de gewraakten zonder veel uitleg bij te treden. En dan werd de zitting maar geheven. De auditeur, de tegenpartijen, de gewraakte rechters: niemand was bereid het debat aan te gaan. Binnenkort krijgen we een uitspraak over de wrakingen. Twijfelt er iemand aan de uitslag?

Hetzelfde lot zal onze vraag tot onderzoek naar mogelijk lidmaatschap van sommige Staatsraden van de Loge van het Grootoosten ondergaan. De auditeur antwoordde dat de Raad van State geen onderzoeksbevoegdheid heeft (wat in deze zaak onjuist is). Kous af.

De Raad van State weet dat hij zich veel kan permitteren. Er is geen beroep of cassatie mogelijk. Zij is de laatste instantie. En dus kan alles. De auditeur probeerde zelfs al een voorziening bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens uit te sluiten, door te stellen dat de betwisting een “politiek recht” betreft, waarvoor Straatsburg niet bevoegd is.

Het is duidelijk: het Vlaams belang moet veroordeeld worden, en dat moet stil en snel gebeuren. Stil, want op de zitting was alleen een journalist van Belga aanwezig. Snel, want de Raad van State, die er normaal vier of vijf jaar over doet voor zij aan de behandeling van een zaak begint (wegens de werkoverlast), kan nu rustig om de zoveel weken 22 van haar overbelaste rechters mobiliseren om de zaak af te haspelen. Het begint hier te stinken naar Gent, naar het Hof van Beroep van Gent, dat het Vlaams Blok door een logebroeder en een franskiljon in ijltempo liet veroordelen. Men begint aan te voelen hoe het er bij de rechtspraak in de voormalige DDR en USSR moet aan toe gegaan zijn.

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...