Het Vlaams Belang over het sociaal beleid. 3 nieuwe brochures.

Van de hand van de Kamerleden Koen Bultinck en Guy D’Haeseleer verschenen zopas drie brochures die de sociale inzichten van het Vlaams Belang duidelijk maken.

Een socialer Vlaanderen (1)

In haar sociale visie stelt het Vlaams Belang meteen dat de sociale zekerheid een kerntaak is en moet blijven van de overheid. De sociale zekerheid moet wel gebaseerd zijn op vrijwillige solidariteit die doorzichtig, onderhandeld en efficiënt is.

De uitkeringen moeten welvaartsvast gemaakt worden en het sociaal statuut van de zelfstandigen verbeterd. De partij pleit voor de invoering van een sociaal loket in elke Vlaamse gemeente.

Het Vlaams Belang eist een eigen Vlaamse sociale zekerheid, homogene bevoegdheids-pakketten en het einde van de transfers.

Het Vlaams Belang is en blijft de enige echte gezinspartij. De fiscale discriminatie van gehuwden is niet fundamenteel aangepakt. De kinderbijslagen moeten drastisch verhoogd worden.

Een opvoedersloon kadert in de gelijkwaardige behandeling van thuis- en buitenhuiswerkende ouders. Daarnaast wordt gepleit voor een betaalbare en kwaliteitsvolle kinderopvang en een volwaardig sociaal statuut voor onthaalouders. De auteurs vragen ook aandacht voor gezinnen in probleemsituaties.

Een vierde luik van de brochure behandelt ouderenzorg. Het huidig wettelijk pensioenstelsel moet behouden blijven, maar het bedrag van de pensioenen verhoogd. Dat kan enkel met een structurele financiering van het Zilverfonds.

Aan thuiszorg en mantelzorg dient meer aandacht en voldoende middelen geschonken te worden. Rustoorden moeten betaalbaar en comfortabel zijn en de lange wachtlijsten weggewerkt. Tot slot is het Vlaams Belang voorstander van de afschaffing van de onderhoudsplicht.

Wat arbeid en werkgelegenheid betreft wil het Vlaams Belang in afwachting van de splitsing van de sociale zekerheid een volledige regionalisering van het tewerkstellingsbeleid en de werkloosheidsverzekering. Wat het laatste betreft moeten alle werklozen, Waal of Vlaming, gelijk voor de wet zijn. Ook het sociaal overleg zou moeten geregionaliseerd worden, wat uit zou monden in Vlaamse CAO’s.

Opleidingen en herscholing voor werklozen moeten beter afgestemd worden op de arbeidsmarkt. Bij aanwervingen mag geen voorrang gegeven worden aan vreemdelingen.

Een bedrijfsvriendelijk klimaat in Vlaanderen zal de concurrentiepositie van onze bedrijven verhogen. Er moet gestreefd worden naar een lineaire loonlastenverlaging. Ploegenarbeid en overuren verdienen een specifieke en minder zware (para-)fiscale behandeling. De werknemer moet kunnen kiezen welke compensatie (toeslag of inhaalrust) hij wil voor zijn vrijwillig gepresteerde overuren. Het moet ook mogelijk zijn om meer overuren te kloppen per jaar.

Een belangrijk voorstel van het Vlaams Belang is het eenheidsstatuut voor werknemers, waarbij het onderscheid tussen arbeiders en bedienden wegvalt en waarbij de belangen van de werkgevers enerzijds en de verworven rechten van de werknemers anderzijds niet geschaad worden.

Het Vlaams Belang wil een sociaal woonbeleid ontwikkelen. Zo veel mogelijk Vlamingen moeten in staat worden gesteld hun woning in eigendom te verwerven. Daarom pleit de partij voor de verlaging van de registratierechten en erfenisrechten en verlaagde rentevoeten voor grote gezinnen en minderbegoeden.

Op de huurmarkt hebben zowel de huurder als de verhuurder rechten en plichten tegenover elkaar. De sociale huursector moet volledig gedepolitiseerd worden en in handen komen van één gewestelijke Huisvestingsmaatschappij. Ook huurders krijgen daarin inspraak. Er zijn 15.000 extra sociale woningen nodig, maar grootschalige sociale woonprojecten worden best vermeden.

Armen en sociaal minderbegunstigden verdienen extra aandacht in het volgende hoofdstuk. De politiek ter bestrijding van armoede is op dit ogenblik te onsamenhangend en versnipperd. Het leefloon kan geen doel op zich zijn, maar een tijdelijk hulpmiddel tot iemand opnieuw tewerkgesteld kan worden.

Er zijn meer middelen nodig voor mensen met een handicap. Het bekomen van een Persoons-gebonden of Persoonlijk Assistentie Budget (PAB) moet vergemakkelijkt worden. Ook aangepaste arbeid en fiscale voordelen bij aanwerving helpen de integratie van gehandicapten in het arbeidsmilieu.

Tot slot staan de auteurs stil bij de rol en de positie van de vakbonden en ziekenfondsen. Het Vlaams Belang ziet een belangrijke sociale opdracht weggelegd voor de vakbonden, maar is voorstander van de invoering van rechtspersoonlijkheid, een totale depolitisering en een verplichte open boekhouding voor de vakorganisaties. Er dient meer vakbondsvrijheid te komen, d.w.z. meer kansen voor nieuwe vakorganisaties en soepelere regels voor de sociale verkiezingen.

De ziekenfondsen worden terecht als verdediger van de belangen van de patiënten beschouwd, maar men kan niet heen om de verzuiling en een te grote invloed in het stelsel van de ziekteverzekering . Daarom ons voorstel tot de oprichting van een sociaal loket.

Op weg naar een Vlaamse gezondheidszorg (2)

De tweede brochure gaat dieper in op de globale visie van het Vlaams Belang op een Vlaams gezondheidszorgbeleid.

Inzake gezondheidszorg heerst in Vlaanderen en Wallonië een duidelijk verschillend cultuurpatroon. Er is bovendien een gebrek aan homogene bevoegdheidspakketten en ook de scheiding tussen curatief beleid (federaal) en preventief beleid (deelstaten) is een slechte zaak voor een coherent beleid. Het hele gezondheidsbeleid, met inbegrip van de ziekteverzekering moet overgeheveld worden naar het Vlaamse niveau.

De inkomstenstructuur van de gezondheidszorg moet evolueren naar een systeem van financiering uit algemene middelen. Algemene middelen die – aanvankelijk – proportioneel moeten verhogen. Onze partij verwerpt de idee van een Algemene Sociale Bijdrage.

Het Vlaams Belang wenst een afslanking van de taken van de huidige, verzuilde ziekenfondsen. In elke gemeente dient een sociaal loket te komen als gedecentraliseerd aanspreekpunt voor alle sociale zaken én als uitbetalingspunt.

Geneeskundige verzorging moet voor iedereen toegankelijk zijn en blijven. De kwaliteit van de gezondheidszorg blijft m.a.w. een kerntaak voor de overheid. De privatisering van de gezondheidszorg zou een heel aantal verworvenheden op de helling kunnen zetten.

Het Vlaams Belang is voorstander van een trapsgewijze gezondheidszorg in 3 ‘trappen’ of ‘lijnen’. De huisartsen vormen de eerste lijnsopvang van de patiënten, de specialisten in de ziekenhuizen de tweede lijn en de universitaire ziekenhuizen de derde lijn. Deze echelonnering is opgebouwd rond het globaal medisch dossier (GMD).

De patiënt moet toegewezen worden aan de meest geëigende zorgverstrekker, d.w.z. dat hij eerst best via een vaste huisarts passeert vooraleer beroep te doen op de duurdere tweede- en derde lijnszorg. Wie de geëigende weg volgt, wordt beloond.

Onze partij pleit voor een herwaardering van de huisarts als eerste aanspreekpunt voor de patiënt en de spil in onze gezondheidszorg. Buiten de normale werkuren en tijdens de weekends moet een betere uitbouw van de wachtdiensten voorzien worden.

Inzake honorering van de artsen en andere medische en paramedische beroepen stelt het Vlaams Belang voor om over te schakelen van de huidige prestatiefinanciering naar een gemengde financiering van de artseninkomens, die een combinatie inhoudt van een praktijktoelage, een forfaitaire financiering en een prestatiefinanciering. Hogere honoraria mogen echter niet tot gevolg hebben dat het remgeld van de patiënt stijgt.

Soms kan een bepaald voorschrijfgedrag leiden tot overconsumptie. De overheid moet artsen responsabiliseren om overconsumptie en misbruiken tegen te gaan. De praktijkrichtlijnen voor een goede medische praktijkvoering van het Vlaams Beheerscentrum voor Gezondheidszorg kunnen als leidraad dienen om overbodige middelen of overbodige onderzoeken te vermijden.

Het Vlaams Belang wenst samenwerkingsverbanden van huisartsen te stimuleren. Samenwerkingsverbanden hebben zowel voor de patiënt, de arts als voor de overheid voordelen.

Het Vlaams Belang is voor het behoud van het remgeld als (kleine) eigen bijdrage van de patiënt om ongebreidelde consumptie tegen te gaan. Daarnaast zijn wij voorstander van het systeem van de maximumfactuur voor zware medische kosten.

De Orde van de Geneesheren moet grondig hervormd worden, niet alleen communautair (splitsing), maar ook inzake openheid en doorzichtigheid en inzake het gehanteerde tuchtrecht. De macht van allerlei belangengroepen en beroepsorganisaties in de besluitvorming moet worden teruggeschroefd.

De actuele concurrentie in de ziekenhuissector is ongezond. De auteurs pleiten integendeel voor een constructieve samenwerking van de ziekenhuizen, waarbij het juiste aanbod op de juiste plaats vooropstaat. De patiënt staat centraal en niet de zuilen, de artsen of de diensten.

De ziekenhuisfinanciering blijft nog steeds een bijzonder ingewikkeld en ondoorzichtig kluwen. Het Vlaams Belang vindt dat de recente overschakeling naar een meer patiëntengebonden financiering moet worden doorgezet en dat het geheel van de financiering eenvoudiger kan.

Het verpleegkundig personeel binnen en buiten de ziekenhuizen verdient herwaardering en de gezondheidswerkers verdienen loon naar werk en diploma.

Ten slotte wordt het geneesmiddelenbeleid onder de loep genomen. Iedereen is het er over eens dat er in dit land te veel geneesmiddelen worden geconsumeerd. De diverse actoren moeten gestimuleerd worden om een daling van de consumptie te bereiken. Het gebruik van generische geneesmiddelen mag aangemoedigd worden.

Een symbolenstrijd tussen de overheid en de (traditionele) farmaceutische industrie is te vermijden, met het wetenschappelijk onderzoek naar nieuwe geneesmiddelen en de tewerkstelling in ons land in het achterhoofd. De opstellers van de brochure roepen op tot een ‘pax pharmaceutica’ op dat vlak.

Vergrijzing en arbeidsmarkt (3)

De derde brochure schetst de visie van het Vlaams Belang inzake de vergrijzings- problematiek, een problematiek die specifieke maatregelen vergt.

Net zoals in de rest van Europa zal de vergrijzing van de Vlaamse bevolking de komende decennia een maatschappelijke zorg van eerste orde zijn. We evolueren naar een samenleving waar een toenemende afhankelijkheidsgraad de solidariteit tussen de generaties op proef stelt.

In de brochure worden eerst een aantal feiten en cijfers verzameld. Inzake demografie is er het dalende geboortecijfer en de stijgende levensverwachting. Met sterfgevallen die het aantal geboorten in de toekomst zullen overtreffen, een nauwelijks variërend migratiesaldo en een in Vlaanderen relatief snelle veroudering krijgen we te maken met effecten als ‘ontgroening’ en ‘vergrijzing van de vergrijzing’.

Jongeren gaan steeds langer naar school en doen dus automatisch later hun intrede op de arbeidsmarkt. Loopbanen zijn heel wat korter dan vroeger. De gemiddelde loopbaan duurt ongeveer 37,5 jaar, terwijl het EU-gemiddelde 4 jaar hoger ligt.

De twee belangrijkste ‘valse’ oplossingen voor de vergrijzingsgolf worden besproken door de auteurs: immigratie en privatisering van de sociale zekerheid.

Recent hoorde men nog verscheidene pleidooien om meer immigratie in de EU toe te laten, om o.a. de gevolgen van de vergrijzing op te vangen. Het Vlaams Belang heeft in de eerste plaats principiële bezwaren tegen de inwijking van grote aantallen vreemdelingen om ons stelsel van sociale zekerheid overeind te houden. Dat zou trouwens onrealistisch zijn, want om de werkende bevolking door immigratie op peil te houden zou een jaarlijkse inwijking van minstens 60.000 mensen moeten plaatsvinden! Daarnaast zijn er tal van factoren waar rekening mee gehouden moet worden: culturele achtergrond van de immigranten, hun (gebrek aan) scholing, inburgering, …

Het Vlaams Belang verzet zich tegen de privatisering van de sociale zekerheid. Een privatisering zou de solidariteit tussen de generaties verregaand ondermijnen. Onze partij is wel volledig gewonnen voor de versterking van de tweede en derde pensioenpijlers, zonder echter te raken aan de basisverzekering voor iedereen.

In een derde luik van de brochure worden een aantal knelpunten nader onderzocht.

De diverse demografische gegevens in Vlaanderen, Wallonië en Brussel zorgen voor intergewestelijke verschillen in de vergrijzing, maar er is geen subsidiariteit in de aanpak. Er is de perceptie van het slinkende pensioen en het pensioen in gevaar, mede door de slechte budgettaire prestaties van de federale overheid. De kosten van de vergrijzing zullen vanaf 2010 toenemen om te pieken in 2030.

Met een zwakke economische groei, een afnemende productiviteit en een toenemende langdurige werkloosheid blijft de vraag naar de financiering van de oplopende kosten van vergrijzing open.

De werkzaamheidsgraad van (oudere) werknemers in België is laag in vergelijking met de ons omringende landen. Vervroegde uittredingen, veroorzaakt door verschillende oorzaken, belasten de sociale zekerheid bovenmaats. De afhankelijkheidsgraad neemt anderzijds toe en een stijging van het budget voor gezondheidszorg – omwille van de zorg voor ouderen – betekent een bijkomende meerkost.

Onze standpunten komen aan bod in het vierde en laatste deel.

In de eerste plaats eist het Vlaams Belang een communautaire splitsing van de inkomensaanvullende en de inkomensvervangende sociale zekerheid. Per gewest zal dit helpen de sociale meerkosten van de vergrijzing kosteneffectiever te benaderen en het Vlaams Belang ziet daarin een rol voor Brussel binnen Vlaanderen weggelegd.

Er is intellectuele eerlijkheid en politieke moed nodig om duidelijkheid te scheppen over de betaalbaarheid van de pensioenen. Misbruiken van het brugpensioenstelsel moeten tegengegaan worden. Het Vlaams Belang stelde in 2001 een ‘Vlaams Goudfonds’ voor, een pensioenfonds dat moet investeren in de Vlaamse economie.

Onze partij bepleit een actief gezinsbeleid door o.m. voorwaarden te scheppen waardoor koppels effectief aan hun kinderwens kunnen voldoen. Nu is dat niet het geval. Dit kan bvb. door een werkelijk kostendekkende kinderbijslag en het opvoedersloon voor de thuiswerkende ouder.

In het kader van een rechten-plichtenbenadering moet de regering meer budgettaire discipline aan de dag leggen. Anderzijds willen we voor de ontvangers van werkloosheidsuitkeringen een trajectbegeleiding naar een nieuwe job en extra aandacht voor opleiding. Dankzij een betere disciplinering van uitkeringsgerechtigden en van de overheid blijft het verzekeringsprincipe van de sociale bijstand dus gevrijwaard. Alle uitkeringen moeten effectief welvaartsvast worden en alle onderscheid dat nog bestaat tussen arbeiders en bedienden dient meteen afgeschaft te worden.

De auteurs staan ook stil bij de loonkost en loonvorming. De loonwig is in vergelijking met onze buurlanden onaanvaardbaar hoog. Een algemene verlaging van de parafiscale druk dringt zich op. Het systeem van overuren moet flexibeler worden en de loonspanning tussen oudere werknemers en jongere werknemers weggewerkt.

In het oog springend is het voorstel van een nieuw robuust pensioenstelsel dat recht geeft op pensioen na 40 jaar arbeid. Wie als werknemer actief wil blijven na 40 jaar werk, dient volgens het Vlaams Belang geen enkele vorm van sociale zekerheidsbijdragen meer af te staan op de inkomsten uit arbeid. M.a.w. arbeid door oudere werknemers wordt volledig vrijgesteld van werkgevers- en werknemersbijdragen.

Onze partij kiest voor de verdere uitbouw van de tweede en derde pensioenpijler. Wat de basispensioenen betreft, moet de welvaartsvastheid gewaarborgd zijn en de minimumpensioenen moeten verder omhoog. Het zelfstandigenpensioen dient minstens alle levensnoodzakelijke behoeften te dekken. Extravagant hoge ambtenarenpensioenen mogen afgetopt worden om billijk bij te dragen aan de lasten van de vergrijzing.

Het Vlaams Belang bepleit ondubbelzinnig een toenemende financiering van de sociale zekerheid, dus ook van de vergrijzingskosten, vanuit de algemene overheidsmiddelen.

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...