FORZA FLANDRIA

Wie dacht dat de golf van corruptieschandalen de Franstalige Parti Socialiste tot enige bescheidenheid op het politieke schaakbord (toneel?) zou bewegen, mag die illusie weer opbergen. Voorzitter Elio Di Rupo heeft alle dromen en beloftes over een verregaande staatshervorming de kop ingedrukt met de nuchtere mededeling dat Wallonië geen vragende partij is en dat het voor hem allemaal niet hoeft. Het traditionele ‘non’, niks nieuws onder de zon dus. Ware het niet dat Di Rupo nog een tandje bijstak en verklaarde dat de taalgrens dringend aan herziening toe is. Elio wil dat Sint-Genesius-Rode en andere faciliteitengemeenten worden overgeheveld naar Brussel, zodat de natte droom van de Franstaligen – een “état Wallonie-Bruxelles” – alvast geografisch een feit wordt. De annexatieplannen van Di Rupo zijn niet meer of minder dan een politieke oorlogsverklaring aan het adres van de Vlamingen. Ze geven ook aan welke onderhandelingsmarge er is na de verkiezingen van 2007. In centimeter: nul komma nul. Verhofstadt en Leterme zullen nog veel spek moeten eten om Di Rupo en de PS op de knieën te dwingen.

Di Rupo speelt met vuur

De tijd dringt. Aan Vlaamse zijde groeit het ongeduld en de wrevel over de Waalse veto’s. Ook in kringen van werkgevers en ondernemers. “Kleine communautaire stappen helpen Vlaanderen niet vooruit”, zo merkte de voorzitter van Voka-VEV bij de nieuwjaarsreceptie nuchter op. België is een keurslijf dat de Vlaamse ontplooiing belemmert en onze economie, onze welvaart, onze pensioenen en onze gezondheidszorg bedreigt. En dus moeten wij eindelijk de hefbomen in handen krijgen voor een op maat gesneden beleid. Voor een beleid dat Vlaanderen wapent tegen de concurrentie van onze buurlanden en de gevolgen van de vergrijzing. Voka eist dan ook de regionalisering van de arbeidsmarkt, de werkgelegenheid en de loonakkoorden.

Wat het antwoord van de Franstaligen op die eisen zal zijn, laat zich raden. Nochtans hebben de Vlaamse werkgevers gelijk als ze er op wijzen dat ook het noodlijdende Wallonië het meest gebaat zou zijn met een beleid dat is afgestemd op de eigen, specifieke noden, met een eigen fiscaliteit en een eigen arbeidsbeleid. Maar Di Rupo en de PS zweren bij de – Vlaamse – hangmat van de zogenaamde ‘solidariteit’.

Nog 10 jaar zijn wij bereid geld te storten in de bodemloze Waalse putten, hebben de Vlaamse ondernemers nu laten weten. En alleen als daar duidelijk vastgelegde resultaatsverbintenissen tegenover staan. Wallonië krijgt nu jaarlijks 12 tot 13 miljard euro toegestopt vanuit Vlaanderen en daarnaast nog eens vele miljarden uit de kas van Europa. Die liefdadigheid kan niet eeuwig blijven duren, zeker niet nu meer en meer waarnemers tot de vaststelling komen dat al dat geld niét voor een economische heropleving heeft gezorgd, geen zoden aan de dijk zet en alleen maar de electorale machtspositie van de PS betonneert.

Het geduld is op. Volgens een recente peiling van het financieel-economische dagblad De Tijd kiest vandaag al 43 % van de ondernemers resoluut voor Vlaamse onafhankelijkheid. Gedaan met de halfslachtige oplossingen en het Belgische immobilisme. Misschien moet koning Albert Elio Di Rupo nog maar eens op de koffie vragen om hem aan het verstand te brengen dat de Waalse onverzettelijkheid de beste voedingsbodem is voor het zo gevreesde separatisme. De houding van de Franstalige toppolitici leidt vroeg of laat onvermijdelijk tot het fameuze RTBf-scenario waarbij Vlaanderen zelf zijn onafhankelijkheid uitroept.

Vlaams front

In afwachting van de boedelscheiding moet er eindelijk eens werk gemaakt worden van een Vlaams front dat weerwerk kan bieden tegen de Waalse chantagepolitiek en annexatieplannen. De traditionele partijen moeten maar eens werk maken van die fameuze resoluties van het Vlaams Parlement waar ze zo graag naar verwijzen, maar die intussen onder een berg stof verdwenen in de vergetelheid. Laten we maar eens werk maken van de door Patrick Dewael aangekondigde afschaffing van de faciliteiten. Laten we eindelijk en ‘onverwijld’ (!) werk maken van de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde.

We horen nu al zowat iedereen schreeuwen dat het niet zal gaan. Dat je voor zo’n beslissingen nu eenmaal de goedkeuring van de overkant nodig hebt. Dat het niet veel uithaalt om eisen te stellen omdat in ons land nu eenmaal alles via compromissen moet geregeld worden. Maar eerlijk gezegd, zo moeilijk is het écht niet. Niet wij maar Di Rupo en co. kiezen voortdurend voor de conflictstrategie. In de wetenschap dat het volstaat om even te dreigen om de Vlaamse schoothondjes jankend terug in hun hok te jagen. Waarom zouden wij de Waalse ramkoers niet – al was het maar voor één keer – beantwoorden met een onverzettelijk ‘neen’?
Met klare, Vlaamse eisen, waarover niét onderhandeld en gemarchandeerd wordt?
Di Rupo vergist zich als hij ervan uitgaat dat de Franstaligen in een comfortabele zetel zitten omdat ze geen vragende partij zijn voor een staatshervorming. Hij vergist zich en hij weet het. Iedereen weet het. Vlaanderen heeft immers geweldige troeven in handen. Waarom zouden we de miljardentransfers naar Brussel en Wallonië niet gebruiken als breekijzer om eindelijk te bekomen wat ons toekomt?

Forza Flandria

Eén van de meest markante beelden uit de geruchtmakende RTBf-uitzending over Vlaamse onafhankelijkheid was de ontmoeting en het gesprek tussen vertegenwoordigers uit de Vlaamse beweging en vertegenwoordigers van Vlaams Belang, N-VA en CD&V. Dat uitgerekend programmakers van de RTBf er in geslaagd zijn om al die mensen rond één tafel te krijgen rond de gedachte van Vlaamse onafhankelijkheid zou iedereen moeten aansporen om maar eens recht in de spiegel te kijken. Maar het bewijst ook dat het mogelijk is.
Het bewijst dat het kan, als we – wij allemaal – maar afstand nemen en durven nemen van de eigen ego’s en het eigen grote gelijk. Als we de strijdbijl begraven en afstand nemen van persoonlijke vetes. Als we mekaar de hand reiken en kiezen voor de Vlaamse belangen in plaats van de eigen belangen of die van de partij.

Een geloofwaardig en slagkrachtig front is aan Vlaamse zijde alleen maar mogelijk als men ook het Vlaams Belang daarin betrekt. Het dwaze cordon sanitaire moet begraven worden. Want, zoals Jean-Marie Dedecker ooit terecht opmerkte: “Zolang het cordon gehandhaafd blijft, zal Vlaanderen in elke communautaire onderhandeling het onderspit delven.”

Voor ons is de partij géén doel op zich maar een middel. Niet de levensverzekering van de partijtop of de beste waarborg voor een goed gevulde portefeuille, zo mogelijk ministerportefeuille. De partij is geen doel op zich maar een middel om Vlaanderen te bevrijden uit de Belgische dwangbuis. Iedereen moet zich maar eens bezinnen over zijn verantwoordelijkheid in dat verhaal. En dan moet het toch mogelijk zijn om over de partijgrenzen heen tot een gemeenschappelijk actieplan te komen. Los van alle mogelijke meningsverschillen moet iedereen het wel stilaan eens zijn over de essentie: dat binnen België geen goed en democratisch bestuur mogelijk is, en dat alleen Vlaamse autonomie de Vlamingen kan geven waar ze recht op hebben en wat ze willen. Dat is de betekenis van de ‘Forza Flandria’-gedachte: zeker niet de uitverkoop van die grote en sterke partij Vlaams Belang waar wij zo trots op zijn, maar de bundeling van alle consequente Vlaamsgezinde en rechtse krachten in Vlaanderen rond de idee van Vlaamse onafhankelijkheid. De komende weken en maanden zal het Vlaams Belang zich nog meer en duidelijker profileren als een partij van verantwoordelijke en verstandige mensen die vastberaden kiezen voor dat wervende project. Het doel van de Forza Flandria moet uiteindelijk zijn om een weigeringsfront te vormen tegen het verstikkende Waals-Belgische status quo en beslissende stappen vooruit te zetten op weg naar een onafhankelijke en welvarende Vlaamse staat in Europa. In die zin is de Forza Flandria méér dan een uitdaging. Het is de morele plicht van iedereen die oprecht begaan is met de toekomst van Vlaanderen.

Frank Vanhecke
1

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...