Een nieuwe Vlaamse strategie?

Een grondige staatshervorming is verder weg dan ooit. De Vlaamse onderhandelingsstrategie heeft niks opgeleverd. Vijf jaar geleden nog werden in de aanloop naar de verkiezingen stoere beloftes gedaan. Vlaanderen zou een lekker pakket extra bevoegdheden krijgen en als kers op de taart zou Brussel-Halle-Vilvoorde ‘onverwijld’ gesplitst worden. Daar waren immers – zo verzekerde Yves Leterme zijn kiezers – maar “vijf minuten politieke moed” voor nodig.

Yves Leterme en later ook Kris Peeters loofden aanvankelijk wat ze de ‘onderhandelingsbereidheid’ van de Franstaligen noemden, maar de wens leek ook hier de vader van de gedachte: een fata morgana was het, een illusie. Leterme en Peeters beten hun tanden stuk op de Waalse onverzettelijkheid. De verkiezingscampagne van 2009 zag er dan ook totaal anders uit. CD&V beloofde – zeker op communautair vlak – niets meer. Al was het maar om niet opnieuw beloftes te doen die men toch niet kan waarmaken of die men nadien moet inslikken. Bij de verkiezingen voor het Vlaams Parlement werd CD&V daar wonderwel niet echt voor afgestraft, maar je kan de kiezer niet voor de zot blijven houden.

Een aantal commentatoren noemde het communautaire programma van de nieuwe Vlaamse regering “weinig ambitieus”. Bart Maddens schrijft dat de Vlaamse onderhandelaars het zichzelf gemakkelijk hadden kunnen maken door de beloftes van 2004 en de fameuze vijf resoluties van het Vlaams Parlement even te kopiëren, “maar daarmee zouden ze enkel het mes in een pijnlijke wonde hebben gedraaid.” Politicoloog Bart Maddens is de auteur van wat men vandaag – ten onrechte – de “Maddens-doctrine” is gaan noemen.

“Wij vragen niets”
De strategie van Maddens kwam er op neer dat de Vlamingen zich in onderhandelingen met Wallonië niet meer zouden opstellen als “vragende partij”. ‘On n’est demandeur de rien’, wij vragen niks. Laat de Franstaligen zelf maar over de brug komen en voorstellen lanceren, als ze zelf vragende partij zijn voor meer bevoegdheden of als het water hen aan de lippen staat en ze komen aankloppen voor extra geld. Geld dat – tussen haakjes – nog altijd grotendeels uit Vlaanderen komt.

Het klinkt mooi. Het leek het ei van Columbus en een deel van de Vlaamse beweging stond te juichen bij zoveel durf en tactisch vernuft. Intussen heeft Bart Maddens zelf “knagende twijfel” over die Vlaamse strategie (De Standaard, 10.07.09). En hij staat daarbij niet alleen. Het ziet er naar uit dat de kopstukken van de CD&V hun politieke onwil of onvermogen om een doorbraak te forceren willen camoufleren onder de vlag van de zogenaamde Maddens-doctrine. Het is het gedroomde alibi om niets te doen. Ook voor de Franstaligen zou dat een godsgeschenk kunnen zijn. “Wat als de Franstaligen gewoon mee afwachten? Dan zitten we wel vast in het status quo waar zij altijd voor gepleit hebben”, stelt Peter De Roover (Vlaamse Volksbeweging) bitter vast.

Het voorbeeld van cdH
In onderhandelingstechnieken en strategisch doorzicht moeten de traditionele Vlaamse partijen – N-VA incluis – het nog altijd afleggen tegen hun Waalse gesprekspartners. Zo slaagde Joëlle Milquet er in om met een soort ‘post-electoraal kartel’ haar politieke vrienden van de PS alsnog in de federale regeringsboot te hijsen. Het voorbeeld van het kleine cdH zou de veel grotere Vlaamsgezinde partijen tot voorbeeld kunnen dienen. Zo behalen Vlaams Belang en N-VA samen 27% van de stemmen, en met LDD erbij maar liefst 37,1%. Dat maakt hen hoe dan ook tot grootste politieke stroming in Vlaanderen en zelfs binnen België. Jammer dat met die politieke macht niet meer gedaan wordt. Wordt het niet hoog tijd dat alle V-partijen zich ernstig beraden op welke manier ze de handen in elkaar kunnen slaan om de Vlaamse onafhankelijkheid af te dwingen. Op dat gebied kunnen we van de Waalse partijen nog heel wat leren…

“Vlaanderen heeft politici nodig die ná de verkiezingen doen wat ze ervóór beloofd hebben”, verklaarde De Wever in één van zijn laatste televisieoptredens voor de verkiezingen. Applaus in de tribune. Het strafst van al is wellicht nog dat De Wever en de N-VA ook nog wegkwamen met dat leugentje. Want, was het niet de N-VA die gezworen had nooit in de regering te stappen zonder een grote staatshervorming en de onmiddellijke splitsing van BHV? Bart en zijn kiezers zijn dat misschien vergeten, maar wij in elk geval niet.

“Einde rit”
Toch zijn er ook hoopgevende signalen. Jules Gheude, voorzitter van de ‘Staten-Generaal van Wallonië” is er rotsvast van overtuigd dat de splitsing van het land onvermijdelijk is geworden. Gheude heeft ook het rekensommetje van de Vlaamse verkiezingsresultaten gemaakt en krijgt – net zoals vele Walen – angstzweet bij de score van Vlaams Belang, N-VA en LDD. Volgens Gheude zijn er “ook bij CD&V en VLD veel die België al hebben afgeschreven”… Jammer toch dat die zich niet durven ‘outen’.

“Vlaanderen profileert zich meer en meer als een natie-staat”, zegt Gheude, en dus kan Wallonië zich maar beter voorbereiden op een “post-Belgische toekomst”. De Waalse Staten-Generaal pleit voor de aanhechting van Wallonië bij Frankrijk als België ophoudt te bestaan. Gheude bestempelt de 21 juli-toespraak van koning Albert en zijn verrassende pleidooi voor een doorgedreven staatshervorming als “een smeekbede”, want “zonder staatshervorming geen België meer”.

In brede kringen rijpt het besef dat de Vlaamse onafhankelijkheid – meer nog dan een politieke keuze – een dwingende economische noodzaak kan worden of is geworden. Jules Gheude: “Van de vijf resoluties van het Vlaams Parlement (de overheveling van bevoegdheden) is nog altijd niets in huis gekomen. Daardoor heeft Vlaanderen nu onvoldoende geld en socio-economische hefbomen om de crisis te lijf te gaan en van Vlaanderen een Europese topregio te maken.” Zo hoort u het ook nog eens van een ander.

En het kan snel gaan, waarschuwt Gheude: “Zonder oplossing voor BHV wordt het moeilijk om wettelijke verkiezingen te organiseren. Dat betekent de implosie van het land. Het ideale moment voor de Vlamingen om hun onafhankelijkheid uit te roepen.” De vraag is maar of de andere Vlaamse partijen daartoe de moed hebben…

Plan B
Peter De Roover wijst er terecht op dat de Vlamingen wel degelijk over een sterk wapen beschikken om de Waalse mille-fois non-doctrine onderuit te halen: “Ze kunnen de overzijde iets aanbieden in ruil voor de staatshervorming, namelijk het in het zuiden zo gekoesterde voortbestaan van België.” Volgens De Roover zou de simpele dreiging om er een punt achter te zetten, in één klap een wereld van verschil maken (De Standaard, 14.07.09).

Helaas, voegt De Roover er nog aan toe, “zolang de Vlaamse partijen vasthouden aan het taboe van het Belgische voortbestaan, blijven ze chanteerbaar. Dat is de les van de voorbije vijf jaar.” Dat is wat het Vlaams Belang ook al jaren zegt. In tegenstelling tot Bart De Wever die naar eigen zeggen “binnen de lijntjes wil blijven kleuren”, moeten echte staatsmannen buiten de lijntjes durven kleuren. Dát is de les van de vele volkeren die zich de voorbije jaren hebben bevrijd uit unitaire boeien: Tsjechië en Slowakije, Slovenië, Kroatië, Estland, Letland en Litouwen… Ook hier wordt het hoog tijd dat die partijen die het ernstig menen met een onafhankelijk Vlaanderen de nodige scenario’s voor de “onvermijdelijke splitsing van het land” – aldus Gheude – gaan voorbereiden. Het Vlaams Belang zal daarbij in het najaar in elk geval het voortouw nemen. De Belgische status quo lijdzaam ondergaan, onze Vlaamse welvaart en toekomst op de helling zetten en de Belgische tricolore krijtlijnen respecteren, is geen optie. Vlaamse onafhankelijkheid is niet de beste keuze, het is de énige keuze.

Bruno Valkeniers
1

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...