Bij het afscheid van Marcel Hendrickx – Gemeenteraad 30 juni 2008

 


Mijnheer de burgemeester,


Marcel,


 


Of we het nu willen of niet, of we ons al dan niet willen onttrekken aan de gedachte alleen al, we zijn allemaal – de een al wat langer dan de ander en los van alle mogelijke partijscheidslijnen – een beetje vergroeid met Marcel Hendrickx. Of beter: ieder van ons moest er willens nillens altijd wel min of meer rekening mee houden. Marcel was een denk-criterium, volgens boze tongen zelfs een denk-obstakel…


Men kon geen vraag voorbereiden voor een gemeenteraad of commissie, men kon geen initiatief nemen in de stad, men kon geen uitspraken doen over het beleid zonder zich af te vragen hoe Marcel er op zou reageren, of hij er mee kon lachen of niet. Vooral de oppositiepartijen trokken zich daar in regel weinig of niets van aan, maar toch… het speelde altijd wel in ieders hoofd. En voor de op de korrel genomen meerderheid was hij meer dan eens – en tot hun grote bevrijding – de Deus ex machina, de man die op een beslissend ogenblik als ’t ware uit het niets en als een Griekse god tevoorschijn kwam en de oplossing uit de mouw schudde…


Marcel was altijd de alom aanwezige. Om maar te zeggen dat Turnhout en Marcel Hendrickx bijna altijd in één adem moesten genoemd worden. En dat zal, weliswaar in afnemende mate, nog wel zo een tijdje blijven, ook al zal hij uit het beeld verdwijnen. Maar vergeten zal men hem uiteindelijk niet. Hij zal immers in de annalen en de geschiedenis van de stad de plaats krijgen die hij verdient, namelijk deze van een politieke verantwoordelijke die voor zijn stad iets heeft willen en kunnen realiseren. Ik zeg dit ongeveinsd en onbevangen.


Of hij dat altijd op een voor iedereen aanvaardbare wijze heeft gedaan en tot ieders voldoening, is een andere vraag. Hierover zullen de meningen in het algemeen en die van de meerderheid en oppositie in het bijzonder altijd wel verdeeld blijven. Hoge bomen vangen immers veel wind. Ook wij hebben méér dan eens de wenkbrauwen gefronst bij de wijze waarop Marcel ‘zijn ding deed’. Afgezien van zijn grote en onmiskenbare dynamiek, blijft het zo voor ons vreemd dat hij niet meteen de grootste en beste ploegspeler was. Wellicht daarom dat de communicatie in deze stad tussen oppositie en meerderheid en naar verluidt ook tussen de meerderheid onderling niet altijd vlot liep. Wij zijn er van overtuigd dat meer samenwerking en open debat over alle mogelijke grenzen heen tot nog meer voordeel voor onze burgers zou kunnen geleid hebben.



Anderzijds hebben wij Marcel ook zien groeien in zijn job als burgemeester, die het strikt lokale vlak oversteeg. Hij was begaan met het Turnhoutse ommeland, het economische hinterland en het grensoverschrijdend overleg met Nederland. Het moet gezegd: Turnhout raakte in de voorbije 25 jaar uit de Kempense beslotenheid door een gedreven inzet voor de ontplooiing van stad en regio op cultureel, toeristisch, muzikaal en economisch gebied. De Warande, de Vrijdagen, een goed ondernemersklimaat, de aandacht voor ons historisch erfgoed, de toeristische uitstraling,…het zijn enkele troeven van onze stad waarvoor Marcel zich ingezet heeft. Turnhout werd zelfs een Vlaamse centrumstad. In veel gevallen was Marcel ook hierin de eigenzinnige motor die vooruit denderde en wel eens iemand die wat in de weg liep onderweg verschrikt in de kant deed springen. Het doel was hem vaak heilig en daar ging hij altijd resoluut voor, soms erop en erover.



Ook zijn duidelijke keuze voor Vlaanderen – waarvan we getuigen mochten zijn op 11 juli-vieringen – na zijn ervaringen met Franstalige onredelijkheid in het federale parlement, siert hem. En zoals we weten was Vlaanderen uiteindelijk te klein voor hem. Hij moest de grenzen over als was het een ‘Drang nach Osten’: Hammelburg, Gödöllö en Hanzhong. Had ons toch eens meegenomen, Marcel, dan had het vuur om die stedenbanden verder aan te wakkeren wellicht groter geweest.



Twee legislaturen was hij schepen en twee volle legislaturen burgemeester. Voeg daarbij nog het afgelopen anderhalf jaar en men kan gewag maken van een kwarteeuw – zeg maar een generatie lang – dragen van bestuursverantwoordelijkheid. Het is niet iedereen gegeven en het wordt ook lang niet door iedereen volgehouden.



In het vuur van de woordenstrijd kon het er wel eens hevig aan toe gaan. Niet alleen tegenover tegenstanders, maar ook in eigen rangen. Soms met harde woorden en soms bitsig, maar gelukkig nadien altijd weer afkoelend en opnieuw de synthese en nieuwe evenwichten zoekend. Ook dat geeft adel aan iemand.


Ja, natuurlijk kunnen wij en anderen nu opsommingen gaan geven van wat in het Marcel-tijdperk niet is gerealiseerd, of onvoldoende is gerealiseerd of slecht is gerealiseerd. We zouden kunnen herinneringen ophalen aan de heroïsche discussies over de Turnhoutse ring, de pijnlijke fusiegeschiedenis van onze ziekenhuizen of de lange lijdensweg van de oude Brepolssite. We gaan daar vandaag niet langer meer bij stilstaan. We moeten daar hic et nunc niet definitief over oordelen; dat zal de geschiedenis wel doen.



Ik herinner ook heel even aan de donkerste dagen van het ondemocratische cordon sanitaire, waarvan het Vlaams Blok en nadien ook het Vlaams Belang het slachtoffer werden, ook in Turnhout.  Hoezeer het hem misschien ook speet dat zoveel kiezers hun toevlucht tot onze partij zochten, toch heeft Marcel in de loop der jaren aanvaard dat wij deel uitmaken van het politieke bestel en dat wij recht hebben op de plaats die de kiezer wilde. Wij hebben die evolutie altijd geapprecieerd.


Ondanks alle verschillen in inzichten, karakters, politieke berekeningen, nemen wij afscheid van een bijzonder man die hoe dan ook altijd en in alle omstandigheden ons aller burgervader was. Want ook in momenten van nood en onheil, rampen en tegenslagen stond hij aan de kant van al zijn burgers.  


Dit afscheid is dan ook een scharniermoment in de Turnhoutse geschiedenis en afscheid nemen heeft altijd iets vreemds.


Namens de Vlaams Belang – fractie wens ik u, Marcel – burgemeester, van over diepe politieke kloven en als fractievoorzitter van de tweede grootste partij in Turnhout het allerbeste toe voor de toekomst. In de eerste plaats is dat een goede gezondheid, want daartegenover is àlles relatief. We hopen dat u in de tijd die nog voor u ligt met de mensen die u dierbaar zijn voldoening mag blijven vinden in de dingen die u bezig houden en die u kunnen beroeren. Nog vele schone jaren dus, in Turnhout, in China of elders.


 


Paul Meeus


Fractievoorzitter Vlaams Belang

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...